Waarom Athletic Bilbao altijd (te) veel geld kan vragen voor hun spelers

Afgelopen zomer verbrak Chelsea het transferrecord voor een keeper door de 23-jarige Kepa Arrizabalaga voor €80 miljoen te kopen. 80 miljoen (!) voor een keeper en waarschijnlijk zijn er behoorlijk wat voetbalfans die zijn naam toen nog niet eens kende. Of het té veel geld is voor deze keeper zal over een langere periode moeten blijken, maar dat het veel geld is staat vast. Zeker als je bedenkt dat Real Madrid hem vorig jaar in de winter bijna voor €20 miljoen kocht.

Daarna verlengde hij echter zijn contract en werd er een transferclausule van €80 miljoen opgenomen in het contract. Helemaal toevallig is het niet dat het record verbroken wordt voor een speler van Bilbao, want voor spelers van deze clubs moet altijd héél veel geld betaald worden.

Waarom Bilbao spelers zo duur zijn

De gigantische bedragen hebben alles te maken met het unieke en beroemde beleid van de club uit Bilbao die alleen maar Baskische spelers onder contract nemen. De laatste 3 niet-Baskische spelers verlieten in 1912 de club en sindsdien werkt de club alleen maar met Basken. Dit betekent dat de club weinig reden heeft om hun sterspelers voor minder dan de transferclausule te verkopen, want het geld dat ze ontvangen kunnen ze niet buiten de regionale grenzen uitgeven. Zij moeten het hebben van goede scouting en het incidenteel aankopen van Baskische spelers.

Welcome to Chelsea, @kepaarrizabalaga! ? #WelcomeKepa #CFC #Chelsea

Een bericht gedeeld door Chelsea FC (@chelseafc) op

Andere voorbeelden

Clubs die bij Athletic Bilbao aankloppen voor een speler moeten dus diep in de buidel tasten. Behalve Kepa zijn er een aantal goede andere voorbeelden. In 2012 betaalde Bayern namelijk €40 miljoen voor Javi Martinez (voor €6 miljoen aangetrokken), wat op dat moment verreweg de duurste transfer in Duitsland was. Voorzitter Karl-Heinz Rummennigge verweet Bilbao dat ze ‘vanaf de eerste dag weigerde mee te werken’. De boodschap zal duidelijk geweest zijn: je betaalt de transferclausule, of hij komt niet.

Ook bij Manchester United zaten ze met de handen in het haar toen ze Ander Herrera (voor €7,5 miljoen aangetrokken) wilde kopen. In 2013 had hij een transferclausule van €36 miljoen in zijn contract en de transfersoap duurde een jaar totdat het eindelijk afgerond was. Herrera moest daar zelf nog een deel voor bijbetalen, omdat United niet volledig aan de clausule wilde voldoen. Ook bij United klaagde ze over het beleid en ze claimden zelfs dat de transfer expres moeilijk gemaakt werd om de eigen supporters tevreden te houden.

Tenslotte is Aymeric Laporte (uit de jeugd van Bilbao) nog een perfect voorbeeld. De Franse Bask (ja die tellen ook als Basken) had nog geen interland voor Frankrijk gespeeld, maar City wilde de verdediger in de winterstop van vorig seizoen koste wat kost hebben en betaalden de transferclausule van €65 miljoen, wat hem de tweede duurste verdediger ooit maakte.

Het beleid van alleen maar Basken zorgt dus voor beperkte opties bij het samenstellen van het team, maar levert de club ook heel veel geld op. Een andere club die een ijzersterk beleid voert is AS Monaco. Je zou het zelfs kunnen vergelijken met real life Football Manager. Hoe dat precies zit lees je hier.